‘Uw hond is bij uw zoon’ - Hoe Zuster Toos een onrustige cliënt steeds weer geruststelt

Alzheimer-geheugen-naar-huis-willen-verpleeghuis

Altijd een lastige kwestie: hoe eerlijk ben je tegen cliënten met (beginnende) dementie? Zuster Toos zorgt voor een mevrouw die denkt dat ze goed bij de tijd is en morgen ‘naar huis’ mag. Tja, wat zeg je dan?

De hele avond is ze al onrustig. Ze friemelt met haar zakdoek en haalt denkbeeldige pluisjes van het kleed. ‘Zuster, hoe laat is het?’ Ze vraagt het voor de tiende keer in een half uur. ‘Heb ik de kippen al gevoerd?’ vraagt ze zoals elke avond. ‘Uw kippen wonen bij u zoon, hij zorgt goed voor ze hoor’, antwoord ik geduldig.

Voor even gerustgesteld

Heel even is ze stil. ‘En waar is de hond?’ Ze kijkt me ongerust aan. ‘Hij is toch niet weggelopen hè?’ De hond van mevrouw is al jaren dood. ‘Nee, hij is niet weggelopen hoor, uw zoon zorgt ook voor hem, net als voor de kippen.’ Mevrouw is weer voor een paar minuten gerustgesteld. Maar het vragen gaat heel de avond door.

Mistige massa

Overdag gaat het wel voor mevrouw. Maar als het donker wordt, komt er ook een schaduw over haar geheugen. Antwoorden die niet onthouden kunnen worden. Vragen waarvan vergeten is dat ze drie minuten daarvoor al zijn gesteld. Herinneringen die langzaam vervagen en veranderen in een mistige massa.

Lekker slapen

‘Ik wil naar huis, ik ben moe’, zegt ze tegen me. ‘Dat is goed hoor, ik help u naar uw kamer.’ En samen lopen we naar haar kamer (in het verpleeghuis). Ik help mevrouw in haar nachtpon, en tenslotte in bed. Met een zucht zakt ze in haar kussen. ‘Wat ben ik blij dat je zo lief voor me bent zuster.’ ‘Dankjewel, ik vind u ook lief hoor.’

Goed bij de tijd

‘Maar weet je waar ik het meest blij mee ben?’ vraagt ze me. ‘Dat u lekker in bed ligt?’ zeg ik vragend. ‘Nee,’ zegt ze terwijl ze met haar wijsvinger op haar slaap tikt. ‘Dat ik nog steeds zo goed bij de tijd ben, want het lijkt me zo vreselijk om je verstand te verliezen.’

Laatste nacht

Ik weet niet zo goed wat ik hier nou op moet zeggen. ‘Morgen mag ik weer naar huis, maar als je verstand niet goed is, moet je hier voor altijd blijven’, zegt ze. ‘Ik gelukkig niet.’ Ze pakt mijn hand. ‘Dankjewel voor alles zuster, wat zal ik lekker slapen mijn laatste nacht hier.’ ‘Welterusten hoor. U hoeft geen dankjewel te zeggen, ik zorg met liefde voor u’, zeg ik.

Morgenavond ook weer, denk ik er stilletjes achteraan.

Zuster Toos Blog thuiszorg

Dit is Carina:

Mijn naam is Carina (44), getrouwd en moeder van twee prachtige zoons. Ik ben al 26 jaar werkzaam in de zorg en na aan een aantal werkplekken te hebben gehad, weet ik dat mijn passie ligt in de thuiszorg en wijkverpleging. Elke dag stap ik met veel plezier in mijn autootje om te gaan zorgen voor ‘mijn’ cliënten. Je maakt een enorme diversiteit aan dingen mee, en bent aangewezen op je eigen kennis, kunde en inventiviteit. Na 26 jaar kan ik nog steeds met mijn hand op mijn hart zeggen dat ik het mooiste vak heb van de wereld. Mijn blogs, die ik deel via mijn Instagram-account @zustertooszorgt, zijn ontstaan doordat ik me soms erg kan storen aan het negatieve daglicht waarin de zorg soms wordt neergezet. Tuurlijk het is hard werken, maar er zijn zoveel onbetaalbare gouden momenten, als je ze maar wil zien. Daar kan voor mij geen topsalaris tegenop. Momenteel volg ik naast mijn baan een deeltijdstudie HBO-V, een pittige combinatie. Ontspannen doe ik in mijn tuin, wandelend met mijn hond, en uitgebreid koken voor mijn mannen, familie en vrienden. Kortom: ik ben een gelukkig mens.

Ook ik maak weleens een foutje ;-) Heb je er één gezien? Mail het me. Ik ben je dankbaar!