Hoe Zuster Toos twee hoopvolle dochters slecht nieuws moest brengen

Zuster-Toos-slecht-nieuws-brengen

Laat in de avond krijgt Zuster Toos een telefoontje: een uitbehandelde meneer wil NU naar huis. Eenmaal daar, beseffen zijn twee dochters nog niet hoe ernstig het ervoor staat. ‘Ze zijn nog vol plannen, duidelijk nog lang niet klaar om hun rots in de branding te verliezen.’

De hele avond croste ik met mijn autootje van cliënt naar cliënt. Om 22.30u had ik nog twee cliënten te gaan toen mijn telefoon rinkelde.

NU naar huis

Het was het ziekenhuis. ‘We hebben een patiënt voor jullie’, was de melding. ‘Prima, zet hem maar op de aanmeldlijst, ik werk morgenochtend ook weer dan ga ik ermee aan de slag.’ ‘Nee’, zei de stem, ‘hij komt NU naar huis, de ambulance vertrekt hier over 5 minuten.’ Meneer was uitbehandeld, en had maar één wens: thuis sterven.

Jonge man

Terwijl ik met de huisarts aan de telefoon hing, sjeesde ik naar het opgegeven adres. Tegelijk met de ambulance en de huisarts kwam ik aan. Een nog vrij jonge man werd op de brancard het huis binnen gereden. Zijn twee dochters liepen erachteraan, allebei begin twintig.

Volhardend

Meneer zou eigenlijk de volgende ochtend naar huis komen. Maar begin van de avond had hij ineens geëist nog diezelfde avond naar huis gebracht te worden. Hij was zo volhardend dat de arts uiteindelijk had ingestemd.

‘Eindelijk’

Hij werd in de huiskamer op bed geholpen. En met een diepe zucht en een welgemeend ‘eindelijk’ liet hij zich in de kussens zakken. Nadat de ambulance en huisarts waren vertrokken, bleef ik met dochters en meneer alleen achter.

Diepe slaap

De nachtzuster zou om 23.30 de dienst overnemen. ‘Wil je alsjeblieft bij ons blijven tot ze er is?’ vroegen beide dochters. Dus ik bleef. Tuurlijk laat je op zo'n moment niemand alleen. Ik verzorgde meneer, en na de verzorging zakte hij diep in slaap.

Onderbuikgevoel

De dochters vertelden verhalen over hun vader. Van vroeger en van nu. Vertelden wat ze nog voor plannen hadden. Plannen voor de komende dagen. Maar mijn onderbuikgevoel stak de kop op. Twee dochters nog vol plannen, duidelijk nog lang niet klaar om hun rots in de branding te verliezen. Ik keek naar meneer, diep in slaap. Maar uit ervaring voelde ik dat het geen gewone slaap was.

Geruststellen

De nachtcollega belde. Ze stond met panne langs de weg en zou voorlopig nog niet komen. ‘Maak je niet druk, ik blijf net zo lang tot ze er is’, zei ik bij het zien van twee zenuwachtige gezichten. Bijna per kwartier zag ik meneer verder wegzakken. Het brengen van slecht nieuws vind ik altijd het moeilijkste wat er is.

Grote schrik

Beide dochters waren er zo vol van overtuigd nog minimaal een paar dagen samen met hun vader te hebben. Maar ik zag de realiteit. Dit ging niet goed... Voorzichtig heb ik verteld dat ik zag dat hun vader toch al wel heel ver weg was. Beide dochters schrokken enorm dat ik dat zei. Ik voelde me een enorme boeman, toen ik ze allebei hartverscheurend zag huilen.

Samen in bed

Een van de twee kroop bij haar vader in bed. En de ander ging naast het bed zitten. Hand in hand en met haar hoofd op haar vaders schouder. Wat een intiem moment. Van een afstandje keek ik het aan, en had het lef niet dit moment te verstoren.

Gewacht

Met beide dochters dicht tegen zich aan, zag ik meneer wegglijden. Alsof hij op dit moment had gewacht, alsof hij begin van de avond had voorvoeld dat de tijd begon te dringen.

Een nare boodschap is nooit makkelijk om te brengen. Maar wat was ik blij dat ik het toch had gedaan, want hoe bijzonder was dit......

Ook ik maak weleens een foutje ;-) Heb je er één gezien? Mail het me. Ik ben je dankbaar!