Frank werkt in de verslavingszorg: ‘Iedereen kan verslaafd raken'

ervaring-werken-in-verslavingszorg

Voor Frank (41) is het de mooiste baan die er is: verpleegkundige in de verslavingszorg. Met alle liefde reist hij anderhalf uur heen en terug met de bus naar Utrecht. ‘Niet om mensen te redden, maar om hen te helpen als ze daarom vragen.'

Hoe proberen jullie iemand van zijn verslaving af te helpen?

‘Ik werk bij Jellinek. Bij ons kun je zelf kiezen voor een aanpak die je aanspreekt. Cognitieve gedragstherapie, Minnesota – gebaseerd op de 12 stappen van de AA - of Acceptance and Commitment Therapy (ACT), bijvoorbeeld. Tijdens de intake bekijken we samen welk traject bij je past en wat je nodig hebt. Veel mensen beginnen met een detox, die tien tot veertien dagen duurt.’

‘Daarna krijg je therapie, klinisch of poliklinisch, gedurende een periode van zes tot twaalf weken. Wij behandelen niet alleen de verslaving zelf, maar proberen ook te helpen met de achterliggende oorzaken. Omdat er zoveel verschillende factoren zijn die bijdragen aan een verslaving, van scheidingen tot jeugdtrauma’s en van depressie tot werkdruk, lopen de therapieën nogal uiteen. Het grootste deel van onze cliënten kan overigens poliklinisch worden behandeld met een korte behandelduur.’

Wat motiveert jou om in de verslavingszorg te werken, het lijkt me best pittig?

‘Weet je, verslaving discrimineert niet. Iedereen kan verslaafd raken. Jong, oud, rijk of arm en elk mens heeft een eigen verhaal. Dat maakt het tot een heel boeiende doelgroep. Ik ben enorm onder de indruk van de veerkracht van onze cliënten, dat ze het aangaan om van hun verslaving af te komen. Mijn persoonlijke motivatie is dat ik er voor mensen wil zijn als ze het moeilijk hebben.’

Doe je dit werk al lang?

‘Nog niet zo lang, in 2017 ben ik hier begonnen. Eerst op de detox en nu op de dagbehandeling. Daarvoor heb ik bijna twintig jaar in de gehandicaptenzorg gewerkt. Omdat ik zelf graag mediteer en geïnteresseerd ben in mindfulness-based interventies, zocht ik naar een plek waar ik daar meer mee kon doen. Dat kan hier, omdat we veel met de Acceptance and Commitment Therapy (ACT) werken. Je gaat dan kijken wat voor jou echt belangrijk is in het leven en leert om ervaringen te nemen zoals ze zijn.’

Hoe ziet een werkdag er voor jou uit?

‘Heen en terug in de bus mediteer ik altijd. Om me te focussen op mijn doel voor de dag, of om moeilijke dingen van het werk los te laten. Ik werk op de dagbehandeling waar ik de lunch verzorg en groepssessies geef. Sociale vaardigheden en mindfulness, bijvoorbeeld. Ik bel de cliënten die zich hebben afgemeld altijd op. Het is belangrijk om door te vragen waarom ze niet komen, want er kan natuurlijk ook een terugval zijn.’

Is dat niet hartstikke frustrerend als mensen weer terugvallen?

‘Sommige mensen zie je vaak terug, vooral in de groep die klinisch wordt behandeld. Frustrerend vind ik het niet, wel triest. Er zijn veel dingen die eraan bij kunnen dragen dat iemand terugvalt. Daar moeten we dan verder aan werken. Eigenlijk vind ik het vooral fijn dat ze ons vertrouwen en terugkomen als het nodig is. Dat ze de moed hebben gevonden om opnieuw hulp te zoeken.’

Wat zorgt ervoor dat jij het volhoudt?

‘Mijn baan geeft me veel energie. Mijn collega’s en de organisatie spelen daarin een belangrijke rol. Ik leer veel van andere professionals hier en je kunt altijd je verhaal bij elkaar kwijt. We vangen elkaar op als dat nodig is. We doen zelf ook coaching-sessies en activiteiten als kickboksen, plus er is veel ruimte voor bijscholing.’

‘Voor mij heerst hier een mooie balans tussen wetenschappelijke kennis, professioneel handelen en menselijkheid. En als je iemand kunt helpen zijn leven weer op de rit te krijgen, is dat natuurlijk hartstikke mooi. Zo sprong er laatst een lachende jongen op mijn nek toen ik de trap opliep op Utrecht CS. Een jaar daarvoor was hij bij ons in therapie geweest en ging het behoorlijk beroerd met hem. Nu bedankte hij me omdat het zo goed met hem ging. Daar kan natuurlijk niets tegenop.’

Ook ik maak weleens een foutje ;-) Heb je er één gezien? Mail het me. Ik ben je dankbaar!